Van de Voorzitter – Juiste Zorg op de Juiste Plek...?

29 mei 2018
Gerard van der Wees
Gerard van der Wees
Voorzitter
Recent is een hoofdlijnenakkoord gesloten voor de Medisch Specialistische zorg. Afgesproken is dat het ziekenhuisbudget in 2019 met maximaal 0,8 procent mag groeien. Deze groei neemt jaarlijks af tot uiteindelijk 0 procent in 2022. Een dergelijke beperking van de volumegroei kan alleen als er een verschuiving van zorg plaats vindt van 2e naar 1e lijn. Daardoor zal in de 1e lijn de complexe zorgvraag toe nemen. Dan wordt het een interessante vraag hoe invulling gegeven kan gaan worden aan het recent verschenen rapport ‘De juiste zorg op de juiste plek’.

Deskundig!

Binnen de beroepskolom Fysiotherapie is enorme deskundigheid en kwaliteit aanwezig in de 1e lijn. Naast de algemeen fysiotherapeut zijn er inmiddels zo’n zes tot zevenduizend master-opgeleide fysiotherapeuten. Gespecialiseerd in verschillende richtingen. Daarmee staat de sector feitelijk klaar om een antwoord te bieden op de meer complexe zorgvragen. Zo bieden we ook binnen de eigen sector patiënten ‘de juiste deskundige voor de juiste zorgvraag’.

Juist zorg bij de juiste patiënt

De vraag is alleen hoe we die juiste zorg bij de juiste patiënt krijgen. Het is een onderwerp dat tijdens de laatste heidag van de NVMT aan de orde kwam. Kern van de discussie was de vraag of wij ook als fysiotherapeuten onderling durven om de juiste deskundige in te zetten, of als dit kan en gewenst is deze inzet te stoppen. Dat vraagt ook om een kritische intake (triage) en mogelijkheden om combinaties van deskundigheid binnen één behandeltraject aan te bieden en af te spreken.

Maar hoe gaat dat dan in de praktijk? Op de werkvloer?

Binnen de praktijksetting zal dan de fysiotherapeutische zorg zo georganiseerd dienen te worden, dat een intaker na screening en/of onderzoek bepaald of gespecialiseerde fysiotherapie nodig is en zo ja bij welke gespecialiseerde fysiotherapeut de patiënt het verdere behandeltraject doorloopt. En dat een behandel-traject bijvoorbeeld voor een deel door een gespecialiseerde fysiotherapeut wordt uitgevoerd en een deel door een algemeen fysiotherapeut. Tussentijdse evaluaties kunnen dan bepalen of de specialistische inzet nog nodig is, of dat afgeschaald kan worden naar een algemeen fysiotherapeut.

Kunnen we dat op praktijkniveau regelen? En is de mindset van onze beroepsgroep al zover, dat we in die gedachte mee kunnen? Of kan alleen degene die een traject met een patiënt start, het traject ook in zijn geheel afmaken? Wordt de rol van intaker de toekomst voor de extended scope specialisten?

Kansen of mogelijkheden?

Zomaar wat gedachten in het kader van de ‘Juiste zorg op de juiste plek’. Maar niet zómaar gedachten. Vanuit deze visie kan ook binnen onze discipline effectiever met geldmiddelen omgegaan worden. Daarmee worden de fysiotherapiekosten per patiënt lager en ontstaat er ruimte voor tariefsverhoging. Daarmee kunnen we van binnenuit een oplossing creëren voor ons fysiotherapietarief.

Voor dit model is echter wel een enorme verandering in mindset van onszelf, beroepsbreed, nodig. Naast een aantal andere aspecten, die veranderd zullen moeten worden. Schaalvergroting van praktijken is er daar één van. Of anders lokaal goed georganiseerde onderlinge samenwerking van kleine praktijken.

Ik zie kansen.

Gerard van der Wees

Voorzitter NVMT